Bangkok

Met de nachttrein van Chiang Mai naar Bangkok en voor we het weten staan we om acht uur ‘s ochtends in de laatste hoofdstad die we bezoeken tijdens onze reis. We vinden snel een schone kamer met een geweldig bed en het eerste wat we doen is onze Belgische vrienden Eline en Frederik (zie: Mongolie en Vientiane) een SMS sturen. Zij zijn al aan het eind van hun reis en hebben nog een paar dagen Bangkok. Meer dan 1 SMS is niet nodig. Als we na een lekker ontbijt nog even op de kamer chillen (we hebben TV en toevallig zappen we langs een franstalig programma over eten in Amsterdam, hmm) wordt er op onze deur geklopt. Het weerzien is geweldig en we worden ondertussen al ‘oude bekenden’ van elkaar.

Alcoholvrij weekend
We gaan op zoek naar een kroeg, maar we komen bedrogen uit. Het is een alcoholvrij weekeind vanwege de aankomende verkiezingen! Idioot idee en wat bereik je ermee? Uiteindelijk komen we in een achteraf bar terecht waar toch bier wordt verkocht. Beter! Het zijn natuurlijk niet de netste tenten waar de regels worden overtreden merk ik als ik op zoek ga naar het toilet. Als ik per ongeluk de verkeerde deur open, sta ik sta oog in oog (ik sta, hij ligt) met een dikke Duitser die als springkussen wordt gebruikt door een Thais meisje. Een paar uur (en wat drankjes) later vertrekken we naar de wijk Silou om een zonsondergang te pakken bij de Moonbar at Vertigo. Op de 60ste verdieping staan we op het geweldige dakterras, dragen geleende kleding vanwege de kledingvoorschriften van deze toplokatie, drinken we alcoholvrije cocktails (want in dit soort tenten houdt men zich wel aan de regels) en genieten we van een prachtige zonsondergang en een geweldig uitzicht over Bangkok.

Real Bangkok Style
We dalen weer af naar de begane grond en dalen nog dieper af door een eettent in de touristen/hoerenbuurt te zoeken. Daar krijgen we tijdens het verorberen van een heerlijke biefstuk ons bier in theekoppen voorgeschoteld. Stel dat er een regeringsambtenaar binnen komt… Op de markt worden we overladen met ‘pussieshows’ en aangezien we toch al gedaald waren hebben we Real Bangkok Style zo’n tent eens van binnen bekeken. Op het podium staan tien vrouwen in zwart sexloos degelijk katoenen ondergoed met verveelde gezichten met hun kont te draaien. We krijgen een show met zakdoekje trekken, brieven schrijven, kaarsje blazen en bananen schieten (je hebt er weinig fantasie voor nodig om hier een beeld bij te krijgen). Een kort vergelijkend ‘warenonderzoek’ wijst uit dat Belgen meer aantrekkingskracht van de dames van lichte zeden hebben dan Nederlanders. Ja, de bananen en zakdoekjes gaan naar Belgie!

Chatuchak Weekendmarket
Wat je niet mag missen in Bangkok is de beroemde Chatuchak Weekendmarket. Met een volle skytrain (men doet daar erg opgewonden over, maar het is gewoon een bovengrondse metro) naar de markt. Om de hitte en de drukte te ontwijken gaan we vroeg, maar ook hier komen we bedrogen uit. Het is snikheet en ontzettend druk. We shoppen ons drie keer in de rondte op de spotgoedkope markt. Slippers, t-shirts, stokjes voor in het haar, kettingen, geurolie, schoenen en een plant. De buit eerlijk verdeeld tussen Nederland en Belgie. De Paris Hilton in mij kwam ook even opduiken en bijna had ik een lelijk, klein, maar vreselijk schattig hondje gekocht. Gelukkig kan ik het zo’n beestje niet aandoen om in Nederland drie maanden opgesloten te zitten vanwege allerlei tropische gekkehondenziektes. Na deze geweldige markt gaan we naar deel twee van onze koopzieke dag en met de skytrain gaan we naar het MBK, een shoppingmall voor de Thaise tieners. We kopen nog meer troep en bekijken ook de andere shoppingmalls waar vooral de Rich & Famous ronddwalen. Na uren winkelen zijn we het beu en gaan op zoek naar een leuke eettent. Ook vandaag is er dat vreemde alcoholverbod, dus dat wordt even zoeken naar een plek waar de wet wordt overtreden. We vinden een goed restaurant met te snelle bediening en vieren de laatste dag van Eline en Frederik met een heuse Beerlao. Wederom een super avond en diep in de nacht nemen we afscheid van de Belgen. Volgende date is in de Bene(lux)!

Heerlijke Hitte in Bangkok
De resterende dagen in Bangkok besteden we aan het ontwijken van de extreme hitte (terwijl het in Nederland -2 is) door naar de bioscoop te gaan. In de overweldigende Imax zien we Will Smith in I am Legend! Superfilm die door dat gigascherm nog beter werd! Zelfs Wessel is ineens filmfreak geworden. Verder bekijken we het paleis van de Koning (en die man is hier een soort God) en de Wat Phra Kaew, een gouden tempel op het terrein van de Koning. De kleine maar prachtige Buddha van Jade is gekleed in een gouden tenue die drie keer per jaar wisselt. Leuk weetje: alleen de Koning of de Prins mogen de Buddha omkleden. Rondom de Wat staan nog meer prachtig versierde gebouwen met allerlei kleurrijke carvings. Tenslotte bekijken we de Wat Pho waar een giga Buddha ligt te rusten. Het ding is zo’n 40 meter breed en met bladgoud belegd. Het schittert in elk geval prachtig. Natuurlijk nemen we nog een boottochtje met de Chao Praya Express over de gelijknamige rivier. Ook hier weer de beroemde longtailboten met indrukwekkende handbediende motoren. De expressboot gelukkig niet, dat is een solide veerboot met veel te veel passagiers en een lompe stuurman. ‘s Avonds nog even een wandeling door onze wijk en deze keer nemen we de achteraf straatjes. Na alle toeristendingen is dit toch wel weer echt leuk en we krijgen nog even een staartje van het echte leven in Bangkok.

Ayuthaya
De laatste dag voor onze Grand Finale gaan we met een tour naar Ayuthaya. In tegenstelling tot de 8 beloofde medepassagiers krijgen we er 28, maar dat mag de pret niet drukken. We rijden een kleine twee uur waarna we aankomen bij een Wat Phu Khao Thong vlak buiten de stad. Een grote scheve witte pagoda met het bekende gele lint eromheen. Vanaf de top een mooi uitzicht over de stad en de omliggende landerijen. In Ayuthaya zelf bezoeken we als eerst de grootste zittende bronzen Buddha van Thailand in een redelijk nieuwe maar mooie spiegelende tempel. Daarna lopen we door de ruines van Wihaan Mongkhon Bopit. De tour hebben we ondertussen opgegeven en samen verkennen we de oude tempels en het oude Royal Palace waar bijna niets meer van over is. De mooiste tempel is de Wat Phra Mahathat waar een Buddha in een boom is vergroeid. Wederom een schitterend staaltje natuurgeweld ook al is het op kleine schaal. Na al deze tempels zijn we moe, tempelmoe, we willen nu alleen nog maar zon, zee en strand. Dat gaat op Ko Chang wel lukken!

Groeten uit het paradijs: Ko Chang!
Met het schrijven van deze blog zijn wij al een aantal dagen op het eiland. Het is echt zoals iedereen heeft gezegd: geweldig! Vanuit ons luxe prive bungalow hebben we uitzicht op het strand en de oceaan. Voor de kust een paar eilandjes wat de zonsondergangen nog mooier maakt. Onze favoriete strandtent voor een heerlijke seafood BBQ en geweldige cocktails is Pornbar. Niet te verwarren met zijn aparte naam overigens. Zo heet die eigenaar nou eenmaal. Verder doen we hier niets anders dan genieten, zwemmen met snorkel en roze luchtbedje en bruin worden. Vandaag een proefduik gedaan en wie weet doen we er nog een aantal. Goed, wij wensen iedereen een geweldige Kerst en tot 1 januari.

Noord Thailand

Chiang Mai
Deze stad is geweldig! Een fantastische avondmarkt, eindelijk weer een Mac Donalds (na 5 maanden schaam ik me daar niet voor), veel leuke winkels waar we ons volgooien met de mooiste hebbedingen voor een Bath en een ei. We hebben de vierde doos met 8 kilo aan spullen naar Nederland verzonden dus onze rugzak kan verder gevuld worden.

Kookcursus van de BBC Chef
Wat in Chiang Mai niet mag worden overgeslagen is een kookcursus van de beroemde Thaise Chef Sompon Nabnian (ja, die van de BBC!). We krijgen een rondleiding met uitleg op de markt zodat we alles herkennen wat we gaan gebruiken. Onze lesplek is thuis bij Sompon, in een luxe buitenwijk van Chiang Mai. Wij weten nu hoe we de beste coconutsoup, viscurry, wokgroenten, papayasalade en een echt lekker bananentoetje (goeie tip voor het nieuwjaarsetentje!) moeten maken.

Motorfietsdagboek (alias Motorcyclediaries)
Na al dit stadse gedoe is het tijd voor ons avontuur op de stoere chopper: een Honda Phantom weetikveelhoeveel cc. Prachtig ding met veel chroom, leren tassen en een grote km-teller op de tank. Voor zes dagen is dit ons vervoersmiddel om de Mae Hong Son loop te rijden. Wel spannend aangezien we allebei geen motorrijbewijs hebben. Maar in Azie mag zelfs een blinde zonder helm en samen met zijn hele familie op een motor, dus wij ook. Onze chopper is fantastisch en het gepruttel klinkt stoer! Elke dag scheuren we langs mooie watervallen (iedereen die in Azie geweest is weet wat tempelmoe is, maar watervalmoe kan ook!) en de nog mooiere viewpoints (die echt nooit vervelen). Met een gemiddelde van 100 kilometer per dag, hebben we onze billen weer een beetje roeiklaar gekregen. We hebben in deze zes dagen zoveel schitterende rides (dat zeggen de motordudes die we regelmatig tegenkomen) maar ik zal een paar hoogtepunten beschrijven.

Longnecks en Hmong nieuwjaarsviering
Niet alle wegen gaan over glad asfalt en voor het longneckdorp moeten we over een foresttrail. Onze chopper is er niet voor gemaakt, maar hij blijft ons verbazen. Na een supertocht komen we aan hij het oorspronkelijke vluchtelingenkamp van de Longnecks uit Birma. We betalen 500 bath (= 11 euro) om het dorp in te mogen wat eigenlijk een toeristenmarkt is. Maar… we zien wel longnecks en dat is best bijzonder. Toch gaan we snel door naar Na Pa Peak, een tip van Tai, de eigenares van ons rieten hutje in de bamboe- en palmbomentuin. Deze route is nog mooier en we komen de hele dag geen enkele toerist tegen. Een waterval en vooral veel haarspeldbochten met sublieme uitzichten over vele toppen en valleien. Als we aankomen in Na Pa Peak hebben we mazzel. Er wordt een nieuwjaarsfeest gevierd en het hele dorp loopt in klederdracht. Op het dorpsveld heeft het hele dorp zich verzameld, jongens en meiden gooien een balletje naar elkaar over (gekke vorm van liefdesverklaring ofzo), op het podium zingt een eenzame zanger en verder zit het hele dorp in de zon. Op hun kleding de vele beroemde rinkelende munten en bellen. Wij lopen rond op hun feest en iedereen lijkt het heel normaal te vinden dat wij daar foto’s van maken.

Puppies en wintersport
We hebben een lange dag voor de boeg (vandaag hebben we een ride van 160 kilometer) dus de wekker staat op 7.45 uur. Niet nodig want de buren staan een half uur eerder op en onze bamboemuur houdt geen geluid tegen. Afgelopen nacht heeft een hond onder ons bamboehutje puppies gekregen wat de nodige herrie veroorzaakte (al sliep Wessel natuurlijk door al dit moois heen). Na de standaard heerlijke gebakken eieren van Tai cruisen we met een zeiknatte Honda naar de bergtempel. Die ligt nog in de dauwwolken en als wij er zijn trekt de dauw net op. Dat levert weer prachtige plaatjes op. Nadat we gespot zijn door Thaise motorrijders en we daar natuurlijk even mee kletsen (wist je dat mannen elkaars motoren bewonderen alsof het hun kind is?) gaan we verder met onze ride. We scheuren de eerste 60 kilometer lekker door de vallei. Af en toe een berg over. Mooie route met veel herfstkleuren. Voor de Mae Surin waterval, de hoogste van Thailand, gaan we een flink stuk stijgen. De uitzichten zijn hierdoor weer echt geweldig! Elke keer is het nog mooier. De weg is alsof we in de Alpen rijden en ons wintersportverslaving wordt behoorlijk gevoed. Als we op de top staan hebben we uitzicht op de Doi Inthanon die met 2.565 meter de hoogste berg van Thailand is. Natuurlijk hebben we ook de Doi Inthanon bereden en die uitzichten waren wellicht nog mooier dan de dagen ervoor. Na een zes dagen ride en ruim 700 kilometer op de teller moesten we helaas terug naar Chiang Mai om de nachttrein naar Bangkok te halen. Maar, deze motorride is echt een hoogtepunt in onze reis. Wederom een aanrader: als je naar Thailand gaat, huur een motor bij Tony’s Big Bike en ga weg van de weg!!

Noord Laos

Luang Prabang
In een luxe minibus rijden we 200 kilometer vanaf Vang Vieng richting het noorden van Laos. Er staat zo’n zes uur voor, dus we verwachten een slecht wegdek. Dat hebben we mis, de weg is in super staat, alleen ontzettend ruig met scherpe bergpassen die in de Franse Alpen niet misstaan. Na een loslopende kwekkende toerist opgepakt te hebben (is toch weer extra geld voor de bestuurder) en een lekke band komen we na een adembenemend mooie tocht aan in Luang Prabang. Snel op zoek naar een guesthouse en op naar onze afspraak met Jan Paul en Ellen, waar we al weken naar uitkijken! Het wordt een geweldige avond met veel herinneringen, mooie verhalen en vooral veel Beerlao.

Nederlandse (en Schotse) cadeaus!
Na bijna 5 maanden reizen zijn er maar weinig dingen die we missen. Ik ga voor drop en Wessel voor whisky (quote Wes: “de Glenfiddich Solera 15 jr in m’n rugzak is prima, maar weegt niet op tegen alles wat ik thuis heb staan”) en samen missen we ons eigen heerlijke zachte perfecte matras (zie vorig verhaal over de rieten matten die ze hier als matrassen bestempelen).
Afijn, Jan Paul en Ellen waren goed voorbereid en met mijn armen vol salmiakknotsen, zachte zoute drop en 4 rollen dropmenthos gingen we terug naar ons guesthouse. Wessel moest nog even wachten op zijn traktatie ;-)

Dag op stap met Jan Paul en Ellen
Met ons vieren vragen we een man met een boot ons naar de Pak Ou grotten te brengen. De kapitein laat ons aan boord van zijn luxe longtailboot en speciaal voor ons legt hij wat oude dekens op de vier houten stoeltjes. Het eerste dorpje waar we aanmeren is een papierdorp. Allemaal erg mooi, maar we krijgen toch wel een beetje het gevoel dat dit dorp is neergezet voor de toeristen. Het tweede dorp is een LaoLao dorp, waar ze hun eigen Laotiaanse rijstwhisky maken. Vooral de mannen vinden dat natuurlijk helemaal te gek. Het smaakt trouwens echt gruwelijk (vinden ook Wessel en Jan Paul, al duiden zij het aan met “interessant spul”) en dan hebben we nog niet eens de LaoLao met de slangen of schorpioenen geproeft. Zowel de grotten als de Mekong met hun verschillende dorpjes zijn mooi, maar waar we voornamelijk mee bezig zijn is bijkletsen. Het is echt heel erg leuk om na 5 maanden bekenden te zien. Als we zo’n 3 uur op het water zitten (en ergens van een heerlijk uitgebreide lunch hebben genoten) is het dan tijd voor het echte werk. De mannen gaan ervoor zitten en Jan Paul tovert vijf kleine flesjes uit zijn rugzak. Heren broeders opgelet (en uiteraard geef ik hier even het toetsenbord door aan Wessel): de eerste fles was een Frysk Hynder die op sherry 3 jaar (?) is geworden. Vervolgens een Macallan Ellegralia (?) en een Arran sherry finish. De Highland Park 18 jaar laat zich hierna zeer goed smaken en als klap op de vuurpijl gaat het laatste flesje Abelour JP Single Edition in het glas. En deze gehele proeverij vindt plaats aan boord van een longtailboot op de Mekong in Noord Laos. Wat een feest. Het mooiste cadeau is de literfles Highland Park 12 jaar die mee gaat naar Thailand en waar we de laatste vier weken van onze reis erg van zullen genieten.

Trekking Noord Laos
Na een heerlijke tijd in Luang Prabang is het tijd om weer het echte Laos in te gaan. Tour is geboekt en de eerste lokatie is Houy Fay, een heel klein Khmu bergdorpje waar we 7 uur voor door de bergen moeten trekken. Tijdens de trekking wandelen we door kleine bergdorpjes waar we lunchen of gewoon zomaar even rond kijken. In het eerste dorp spelen kinderen met een oude bom! Een heuse USA 500 ponder. Ze zitten erop alsof het een hobbelpaard is, grote pret! In het dorp waar we overnachten rennen kinderen door de staten (over de zandpaadjes) met een stukje touw waar ze een lege doos aan hebben gebonden. Tja, zo simpel kan het zijn.
Na de lange trekking van de eerste dag kunnen we het de tweede dag iets rustiger aan doen. Na een gruwelijk koude nacht (ook hier kennen ze winter en helemaal in de bergen is het echt koud, zo’n 10 graden) vallen we tegen de ochtend eindelijk in slaap op onze rieten matje en ‘slapen’ we uit tot 9.00 uur. Nog even een rondje door het dorp waarna we afscheid nemen van ons gastgezin. Lopend door de prachtige jungle komen we bij een ander bergdorpje waar we gaan lunchen. De eerste minuten staan alle kinderen van het dorp verbaast te kijken naar de twee falang (buitenlanders) die voor hun huis staan. Maar als na een half uur de rust terug keert in het dorp en iedereen weer zijn eigen gang gaat kijken wij onze ogen uit. Vrouwen zitten onder de bomen met hun handwerkjes of zijn hun babies aan het voeden. Kinderen zitten op de grond tussen de moeders. Wij blijven in totaal ruim twee uur in dit kleine dorpje en al die tijd is er niets gebeurd. Iedereen is relaxt en wij vragen ons echt af of hier ooit wel eens iemand aan een hartaanval overlijdt. Twee huizen verderop is een trotse man zijn zelf geschoten wilde kat aan het opzetten met rijst; in het huis daarnaast zijn een aantal vrouwen aan het zingen want het is een feestdag vandaag (National Day) en de chief van het dorp zit op zijn drempel en overhandigt ons een bordje zodat we onze meegebrachte lunch kunnen neerleggen. Wij willen wel een week in dit dorpje blijven. Onze gids speelt nog even een paar liedjes op een gitaar en zingt er ook nog eens behoorlijk bij, maar dan is het tijd om terug te keren naar de real life.
Na deze lange break wandelen we nog een paar uur door de prachtige omgeving, hoge bergen met dichte jungle. Als we in het dorpje aankomen waar we slapen merken we dat men daar al iets meer toeristen gewend is. We krijgen zelfs een cabin met een eigen prive terras. Met een Beerlao kijken we vanaf ons terras naar het leven in Laos, het leven aan en in de rivier. Zeewier (echt heel lekker zelfs zonder zee) plukken en schoonslaan, koeien en honden worden door de rivier naar de markt gebracht en vrouwen wassen zich in de rivier met hun kleurrijke sarongs om hun heen. Het dorpje heeft van zes tot acht uur electra, dus vroeg naar bed (euh rieten mat) dan maar.
De laatste dag van onze trekking gaan we een olifantentrek doen en vanaf het laatste dorpje terug naar Luang Prabang met de kayak. De olifantentrek is leuk, al moet je Wessel niet in de nek (zittend in de nek stuur je de olifant aan) van zo’n beest zetten. Onze olifant begon meteen te toeteren en met zijn slurf te slaan waardoor ik (en Wessel stiekem ook) het toch wel fijn vond dat de gids het dier weer ging besturen. En dat kajakken hadden we al eens geprobeerd, maar wederom werd dat na een half uur erg saai. En als mijn liefje zich verveeld… ;-)

Boottocht naar Chiang Mai
Net zoals van Vietnam naar Cambodja, gaan we nu vanaf Laos naar Thailand met de boot over de Mekong. Dit keer een tweedaagse trip met een tussenstop in Pakbeng. We varen op een boot met een stalen romp en een houten gammele opbouw. Binnen in de kuip heeft de familie (deze boten zijn voor de kapitein en zijn gezin hun huis) autostoelen en teakhouten bankjes geplaatst. We ploffen op de autostoelen en daar genieten we zo’n acht uur van het geweldige landschap. Hoe meer we richting Thailand komen, hoe ruwer de rivier wordt. Meer en meer rotsen, afgewisseld met fijn zand. De natuur is ook hier weer overweldigend. Prachtige groene heuvels, mooie rotspartijen en natuurlijk de af en toe woeste rivier die behoorlijke draaikolken laat zien. Op de verjaardag van de Sint (en de koning van Thailand) hebben we weer acht uur varen voor de boeg. Maar met de mooie uitzichten, de geliefde I-pod en een paar boeken vermaken we ons prima.
Na twee dagen zeer ontspannen varen komen we aan bij de grens. Hier zijn de Laotianen niet meer zo ontspannen als in Zuid Laos en binnen een half uur zijn we met een schreeuwende vrouw langs de douane van Laos gedrild, op een klein bootje gedropt om ons naar de overkant van de rivier te brengen, langs de douane van Thailand gedirigeerd en op de minibus gezet voor een rit van vijf uur naar Chiang Mai. Deze Thaise bestuurder had de route echter al vaker gereden en met een bloedspoed reed meneer met zeven bleke toeristen in zijn bus binnen vier uur over de onverlichtte haarspeldbochten. Op zich een voordeel, we konden om 23.00 uur moe in ons bedje kruipen. Welkom in Thailand, onze laatste bestemming van een onvergetelijke reis!

Vientiane en Vangvieng

Vientiane
Na Zuid Laos is het Noorden een stuk toeristischer. We wilden eigenlijk een motortocht het binnenland in maken, maar onze planning begint krap te worden. Voor Vientiane hebben we 2 dagen. En aangezien we hier onze Belgische vrienden Eline en Frederik (van de Mongolie trip) ontmoeten zijn die dagen goed gevuld. Rechtstreeks uit het vliegtuig het hotel in en wat blijkt: we zitten tegenover onze vrienden. De eerste avond bestaat uit bijkletsen en wederzijdse tips uitwisselen voor het vervolg van onze reis. Zaterdags huren we motorscooters en crossen we 25 kilometer over een hobbelweg naar een Buddapark (wat we snel omdopen tot de Efteling van Vientiane ;-). Toch is het wel een leuk park met erg mooie beelden die hier ooit door een rijke Laotiaan zijn neergezet. Het leukste is eigenlijk het rondcrossen met de Belgen. Terug in de stad is er een Bun Pha That Luang festival aan de gang. Het grootste festival van Laos wat wordt gehouden bij de That Luang, een gouden stupa wat voor de Laotianen het symbool van Laos is. Eline en ik mogen alleen naar binnen als we ons verkleden in een Laosrok/sarong wat de nodige big smiles op de gezichten van de Laotianen brengt. Het festival is geweldig, overal offeren mensen bloemen en er wordt behoorlijk wat afgebeden. Het vreemde is buiten de tempel, waar monikken een eigen stalletje hebben waar je hun ‘zegen’ kunt kopen. Het lijkt wel een markt. Toch raar dat die monikken elke ochtend eten krijgen van arme Laotianen terwijl er hier zichtbaar veel geld verdient wordt.

De dag erna doen we het rustiger aan, boeken een bus naar Vang Vieng en gaan heel uitgebreid lunchen aan de kant van het water. De terrassen hier bestaan uit rieten matjes met plastic stoelen, of waar wij ons neervlijen een paar kussens en een oude autoband als tafel. ’s Avonds krijgen we nog een toetje van het festival mee. Honderden Laotianen en monikken lopen in een optocht drie keer rond de tempel met bloemen en kaarsen. Sommigen dragen zelfs hele bouwwerken van bloemen met geld erop geplakt, alles om te offeren. Een prachtig gezicht.

Vangvieng
Een mooie break tussen Vientiane en Luang Prabang (anders weet je niet meer hoe je in die bus moet zitten), maar daar houdt het ook mee op. Dit dorp heeft werkelijk niets met Laos te maken, maar het is wel leuk. Vangvieng is bekend om twee dingen: Tuben en Friends. Beide staan op ons programma. Met een pizza (na al die rijst is dat een zeer welkome afwisseling!) en een Beerlao liggen we in een van de vele loungeplekken waar je met 40 man alle episodes van Friends kunt kijken. En als je bepaalde afleveringen al hebt gezien, dan ga je naar een tent waar ze andere afleveringen draaien. Bizar om mee te maken, maar ik ga er helemaal in mee.

Met een strak blauwe lucht en 30 graden op het pannetje liggen we de volgende dag met een rubberen band in de rivier. Na de eerste tien meter stroomafwaarts worden we al een bar in getrokken. Ok, een Beerlao dan maar (het is tenslotte al 11.00 uur). Zo vullen we de hele dag met dobberen in de band, biertjes drinken, vreselijk verbranden (Wessel dan) en toch ook nog wel genieten van de prachtige bergen waar deze rivier doorheen stroomt. Ons hutje ligt gelukkig aan de rand van dit rare dorp, zodat we geen last hebben van de feestvierende lallende australische opgeschoten pubers of mensen die zich als zodanig gedragen. Gelukkig zijn wij nog normaal ;-)

Zuid Laos

Bolavenplateau
Pakse is een stad waar je niet lang wilt blijven dus boeken we snel een tour van drie dagen naar het Bolavenplateau en zijn vele watervallen. Samen met een Engels koppel, Jo en Chris rijden we in een gruwelijk luxe 4WD naar Attepeu, een heel klein niet toeristisch plaatsje. Uiteraard (we kennen de tours ondertussen) gaan we eerst langs de koffie en theeplantage van de oom van de gids. De koffie in Zuid Laos schijnt de beste (en duurste) ter wereld te zijn, dus die willen we proeven! Hij is zalig: beetje pure chocolade met sterke koffie en zoete geconcentreerde melk. Op het Bolavenplateau gaan we naar de Tad Fan, een waterval van 120 meter hoog. Super mooi uitzicht en we willen een duik nemen. Opgejut door Boon, onze gids: we moeten snel door want we hebben nog een lange autorit voor de boeg. Rond 13.30 uur zijn we in Attepeu waar echt geen bal te beleven is, maar de gids is blij. Hij heeft een vrije middag en dat komt goed uit want zijn vrienden wonen in dit plaatsje. Na een kleine irritatie richting de gids vinden we een waanzinnig mooi terras aan de rand van de Sekong (nee, niet de Mekong) met een prachtige zonsondergang en heerlijke biertjes.

Na onze klacht over het gehaast van de eerste dag probeert onze Boon het vandaag goed te maken. We rijden rechstreeks naar Ban Maii waar we kennismaken met de chief van het dorp, tevens ons gastgezin voor die nacht. In dit dorp met tien hutjes op palen, een Winkel van Sinkel en een uitgestorven school haalt de chief twee uitgeholde boomstammen tevoorschijn. Two meter (nieuwe bijnaam van Wessel) en ik stappen samen in de eerste boomstam (longtailboot met een grasmaaier als buitenboordmotor) en de Engelse in de tweede met de gids erbij. De motor maakt een lekkere herrie, maar de Sekong is uitgestorven en de uitzichten zijn prachtig. Na ruim een uur varen langs wassende, spelende of vissende mensen komen we bij een waterval waar we gaan lunchen. Na de lunch is het tijd voor die duik. Het Engelse stel slaat dit over (hij kan niet zwemmen); maar wij dartelen al snel als dolfijnen in het sterk stromende water (met een helpende hand van onze gids zo af en toe). Iets verderop gaan we lopend de jungle in. Dichtbegroeid en echt prachtig “rennen” we achter onze gids aan. Onze niet zwemmende Engelsman vindt het allemaal iets te eng maar dapper komt hij achter ons aan. En ik: ik vind het geweldig en geen slang te zien! Na anderhalf uur door de jungle komen we bij een plateau waar je door het water naar een waterval kunt lopen. Na een korte twijfel (ik heb dan al 2 bloedzuigers van mij af moeten trekken en de muggensteken zijn niet meer te tellen) ga ik toch Two Meter en de gidsen achterna. Na even ploeteren is de fantastische waterval een prachtige beloning. Even genieten en hup weer anderhalf uur terug door de jungle om in de boomstammen weer terug naar het kleine dorpje te varen. We drinken een echte Beer Lao met de chief, eten wat de pot schaft (soep met rijst) in de Winkel van Sinkel (moeder de vrouw kookt namelijk daar voor gasten) en moeten om 20.00 uur naar bed (want dan gaat het licht uit in Laos). Overigens snappen we nu ook waarom Laotianen zo vroeg gaan slapen: om 05.00 uur staat iedereen namelijk weer naast zijn slaapplank (rieten matje + deken = bed) omdat de haan dan al anderhalf uur aan het bleren is.

Don Det Island
De tour bevalt erg goed dus samen met de Engelsen breiden we hem met een paar dagen 4.000 Islands uit. We rijden over de rode gravelwegen in het prachtige Bolavenplateau, door kleine rivieren met onze luxe bus en langs kleine dorpjes op de hoogvlakte waar veel etnische groeperingen leven in simpele huisjes op palen. Na een paar uur bussen komen we aan in een rivierdorpje. Het is inmiddels donker en we pakken een bootje naar Don Det, een van de 4.000 eilandjes in de mekong. Ons hutje is fantastisch! Eindelijk die beloofde hangmat op ons balkon met uitzicht over de schitterende rivier. Het lijkt wel thuis en helemaal als we Jenneke en Demian, de Amsterdammers van Sihanoukville tegenkomen. Heerlijk bijgepraat en biertjes gedronken. Niet te lang want om 22.00 uur gaat de stroom van het eiland.

Kayakken
Dit eiland kun je op twee manieren ontdekken. Over het land en vanaf het water. Dus stappen we in de kayak. Samen met de Engelse Chris en Jo peddelen we de sneltromende rivier af. Na een uur moeten we het water uit: we naderen een waterval! De Li Phi en die is spectaculair! We rijden langs de waterval en een stuk verder mogen we het water weer in. De rivier is hier duidelijk veel ruiger en met nog veel meer vaart (en gespetter van Two Meter) varen we Cambodja in. We gaan lunchen op een klein strandje, precies op de grens met Cambodja (hebben we toch Noord Cambodja gedaan) met uitzicht op een paar spelende Irrawaddy zoetwaterdolfijnen. Super! Echt wildlife spotting! Na de lunch peddelen we verder de rivier af, zien een indrukwekkende storm op ons afkomen en merken dat kanoen niet echt onze sport is. Na 3 uur kanoen verveelt vooral Two Meter zich waardoor hij zijn liefje gaat pesten. Eindelijk op de kant krijgt Two Meter een echte Lao Lao (rijst whisky) in zijn handen gedrukt die hij smakkend leegslurpt. We rijden met een busje verder naar Pha Pheng, de breedste waterval ter wereld (elk land moet tenslotte zijn wereldrecord hebben) en ook die waterval is enorm indrukwekkend. Laatste stuk terug naar Don Det gaat weer over het water (blijft toch een eiland) en ruim voor de stropische storm hangen we met onze fotocamera’s in de aanslag in onze hangmatten.

Champasak
Na een paar dagen Don Det willen we niet terug naar Pakse. We pakken de bus richting Pakse, maar 30 kilometer voor de stad springen we eruit. We worden bijna meteen meegenomen door een lokale bus volgeladen met vrouwen en zakken groenten. Als we bij de pont komen krijg ik de kriebels. Ons busje maar ook een volgeladen vrachtwagen en nog een paar andere volgeladen tuc tucs proppen zich samen op de twee houten kanoes met een vlotje erop. Als onze tuc tuc de pont op hobbelt, valt Wessel zijn rugzak in de snelstromende Mekong. Gelukkig springt een snelle Laotiaan erachteraan en blijft de schade beperkt tot wat natte kleding. Maar je had onze medepassagiers moeten zien lachen…!

Wat Phu
In Champasak huren we een motorscooter om Wat Phu te bezoeken om nog een keer te genieten van de onvoorstelbare bouwwerken uit de Angkortijd. De tempel is in drie niveaus gebouwd en vanaf het hoogste niveau hebben we een geweldig uitzicht. Een van de mooiste carvings is die van een krokodil/salamander in een zwerfkei. Een meter lang en een halve meter breed en zo’n dertig centimeter diep! Dat hadden we in Cambodja nog niet gezien. Blij dat we Wat Phu bezocht hebben rijden we terug, leveren de brommer in en gaan liftend naar Pakse terug. Kleine tegenvaller: de vlucht naar Vientiane zit vol, dus we moeten ons anderhalve dag vermaken in een stad als Pakse. Gelukkig heeft ons hotel dit keer zachte bedden (dat is echt heel erg luxe in Azie!) en een TV met films! Ook wel weer eens lekker…

Waar zijn Wessel & Fiona mee bezig?